Bedrading car audio 

Veiligheid
Om de hoofdvoedingskabel te beveiligen tegen kortsluiting, monteer je op maximaal 40cm vanaf de accu een inline-zekering (ook wel zwevende zekering genoemd) van de juiste waarde.
Dit is echt een must, stel es voor dat je geen hoofdzekering bij de accu hebt en de hoofdvoedingskabel isolatie word beschadigd en je hebt kortsluiting met massa................... 
Dan heb je kans op brandgevaar, een accu kan een raar ding zijn. 
Veel mensen onderschatten dit.
De waarde van de inline-zekering bepaal je aan de hand van de totaal opgenomen stroom van de versterkers en andere apparaten van de installatie. 
Als er meerdere versterkers worden gebruikt moet de hoofdvoedingskabel worden gesplitst met een verdeelblok. Uit het verdeelblok komen meerdere dunnere kabels en elke kabel is apart gezekerd. De waarde van de zekering wordt bepaald door de aangesloten versterker.
Gebruik bij doorvoer in het schutboard altijd een rubber doorvoer thule, zodat de isolatie niet kan doorschuren. 

Massa
Om storingen vanuit de andere verbruikers (dynamo, motormanagement, relais) op de installatie te voorkomen, moet je een centraal massapunt maken. Dit is één punt op de carrosserie, het liefst zo dicht mogelijk bij de versterker(s). Op dit ene punt monteer je ALLE massa's die de installatie heeft. Meestal vormt de radio hierop een uitzondering, die heeft z'n massapunt meestal achter het dashboard. Mocht je ondanks alle voorzorgsmaatregelen toch nog storing hebben, dan is het proberen waard de radio ook te aarden op het centrale massapunt van de versterkers. 

Ligging
Om invloeden van kabels onderling te onderdrukken is het slim om de voedingskabel links, signaalkabels in het midden en luidsprekerkabels rechts in de auto te leggen. Probeer te vermijden dat voeding-, signaal- en luidsprekerkabels dicht tegen elkaar liggen, elkaar kruisen geeft geen problemen. 

Voedingskabels en aderklem
Kabels zorgen dat de accuspanning verdeeld wordt naar de diverse onderdelen. Belangrijk is de dikte van deze kabels. De dikte is afhankelijk van een aantal zaken, zoals vermogen en lengte. Gebruik nooit massieve kabel maar flexibele kabel, en gebruik altijd aderklemmen.
 
Je hebt aderklemmen in verschillende kabeldiktes en aansluitingen

Let op!! een heel vaak voorkomende fout is dat men niet de juiste aderklem gebruikt bij een bepaalde kabeldikte. Voorbeeld een aderklem van 2,5 t/m 4 mm² en een 1,5 mm² draad is dus fout. De treksterkte is dan niet goed, draad trek je zo uit de aderklem.

Weet je de totaal opgenomen stroom en de lengte, dan kan je in de onderstaande tabel de kabeldikte aflezen. De massakabel bij de eindversterkers moet uiteraard van dezelfde dikte zijn. Let op; voor de zekerheid dat je massakabel niet overbelast word monteer je bij de accu een extra massakabel
Tabel draaddikten t.o.v. totaal opgenomen stroom en kabellengte
Kabellengte [m] Stroomopname [A]
0-20 20-35 35-50 50-65 65-85 85-105 105-125 125-150
 

draaddikte [mm²]

0 - 2 2,5 4 6 8 12 12 20 25
2 - 3 4 6 8 8 12 12 20 25
3 - 4 4 6 8 12 16 20 20 25
4 - 5 6 8 12 16 20 20 25 35
5 - 6 8 12 16 20 25 25 35 50
6 - 7 8 12 16 20 25 25 35 50
7 - 8 8 16 20 25 25 35 50 50

Luidsprekerkabel
In de auto wordt meestal geen exotische luidsprekerkabel gebruikt. Gewone 2,5mm² voldoet uitstekend voor composets of fullrange luidsprekers. Voor subwoofers kan dikkere kabel worden gebruikt, 6mm² als maximum gezien de beperkte lengte.

Signaalkabel
Het relatief zwakke line-signaal vanuit de headunit is erg gevoelig voor storingen. Daarom is gebruik van een dubbel- of zelfs driedubbel afgeschermde kabel geen luxe. Klankmatig is er niet echt veel verschil in verschillende kabels en is de winst van hele dure exotische kabels minimaal. Let wel op de kwaliteit van de gebruikte pluggen, deze moeten gedurende een lange tijd in sterk wisselende omstandigheden (temperatuur, vocht) altijd een goed contact geven.
Vanwege bovenstaande eigenschappen (afscherming en connectoren) is een goede line-kabel niet goedkoop.

Accu & condensators 
Bij gebruik van één of meerdere versterkers wordt er veel van de accu en dynamo gevergd. De stroomopname van een flinke versterker is hoog, samen met alle andere verbruikers erbij zal de accu moeite hebben om de spanning boven de 12V te houden. Dit uit zich vaak in het knipperen van de verlichting op de maat van de muziek. Voor het geluid heeft het ook gevolgen, de dynamiek wordt minder en het sublaag klinkt niet droog en strak meer. 
Wanneer de versterker circa >500W rms levert is een condensator geen overbodige luxe.
Wanneer de installatie veel gebruikt wordt met stilstaande motor, het vermogen is van de versterkers >500W én de standaard accu is 45Ah of minder, dan is een tweede accu aan te bevelen. 

Hoe zorg je voor een stabiele spanning op de versterkers:
- Voldoende dikte van bekabeling: zie bekabeling 
- Zorgvuldig aansluiten van bekabeling: geen overgangsweerstand. 
- Condensator plaatsen. 
- Zwaardere accu plaatsen, bijvoorbeeld een gel-accu. 
- Tweede accu plaatsen (gel accu). 
- Zwaardere dynamo plaatsen. 

Waarom dan niet altijd een extra grote accu? Een condensator lijkt misschien een accu, toch zijn het heel verschillende onderdelen. Het meest belangrijke verschil is dat een condensator veel sneller grote stroompieken kan geven dan een accu. Een basspiek zal een spanningsdip geven. Een condensator zal razendsnel (hele korte ontlaadtijd) stroom leveren aan het begin van de basspiek en er dus voor zorgen dat de spanning constant blijft. Hierdoor geeft de versterker een stabieler uitgangsvermogen en wordt de dynamo en accu minder zwaar belast. Het geeft dus vooral voordelen voor de geluidskwaliteit. 

Hoe werkt een condensator 
Je kan het vergelijken met een grote bak met water, vullen (=opladen) en leeggooien (=ontladen) kost enige tijd en is afhankelijk van de inhoud (=capaciteit) van de bak. De dynamo in de auto kan je zien als "kraan", hij vult de accu en condensator continu aan als er water (=stroom) verbruikt wordt.
De laad- en ontlaadtijd van helemaal leeg naar helemaal vol is heel erg kort, slechts een paar milliseconden. Een hele grote condensator (1 Farad) zal nooit helemaal leeg worden getrokken vanwege z'n grote capaciteit en omdat 'ie continu wordt opgeladen door de accu en dynamo. 

Laadelectronica en kortsluitbeveiliging zijn eigenlijk voor de bufferwerking van de condensator niet echt nodig. Het is echter wel gemakkelijk bij het installeren. Meestal zit er ook een spanningsmeter op, zodat je de spanning op de versterker kan controleren.
De capaciteitswaarde is vanaf 0,5 Farad. Lager is niet echt zinvol. Als vuistregel geldt 1 Farad per 1000W. Meer kan echter geen kwaad, in tegendeel!
Monteer de condensator zo dicht mogelijk (ca. 10cm) bij de grootste stroomverbruiker. Meestal is dit de versterker die de subwoofer(s) aanstuurt. 

Tweede accu
Wil je continu erg hard spelen met stilstaande motor en een versterkervermogen >500W, dan heb je een tweede accu nodig. Erg geschikt voor dit doel zijn gel accu's, omdat ze niet kunnen lekken en er geen schadelijke gassen uit ontsnappen. Je monteert ze parallel aan de standaard accu, eventueel gescheiden door een relais, zodanig gemonteerd dat de gel-accu geen stroom hoeft te leveren aan de startmotor. Hierdoor zal 'ie veel langer meegaan.
Zorg voor een relais met contacten die hoge stromen (100A) kunnen verdragen.
Plaats in de bekabeling zekeringen van voldoende ampèrage, zodat bij kortsluiting de bekabeling niet smelt en de accu niet kan exploderen. Wees hier erg voorzichtig mee!
Meldt altijd bij de garage dat je er een extra accu en/of condensator in hebt gebouwd.
Hieronder zie je een schema om een tweede accu en condensator aan te sluiten. 



i.v.m. zoekmachines (die alleen deze pagina laten zien) druk op de vw t4 knop voor de gehele homepage